Het moet minstens 25 jaar geleden zijn geweest dat ik voor het eerst een Tati-film zag.
De film werd breeduit aangekondigd, ik vermoed dat het op de VPRO was. Het was in zwart-wit, er werd nauwelijks in gesproken en heel af en toe was er een ingekleurd object te zien.
Na tien minuten dreigde ik af te haken; er zat totaal geen tempo in; er kwam een kermis in een Frans plattelands-dorpje. Veel meer leek er niet te gebeuren.
Maar gaandeweg kreeg ik steeds meer het gevoel de film te 'snappen'. Het verhaal is simpel (en bijna irrelevant in Tati-films); een onhandige en rommelige postbode besluit na het zien van een film over de Amerikaanse posterijen veel efficienter en sneller te gaan werken.
Onderstaande scene illustreert de sfeer en de actie het beste; er is veel slapstick gaande, maar altijd van een afstand gefilmd; er is bijna meer aandacht voor de oude, rustige straatjes en het mooie platteland dan voor de arme postbode François die z'n fiets achtervolgt. Je ziet zelden een close-up van een gezicht als reactie op gebeurtenissen.
Verder zijn er altijd de geluiden die erg aanwezig zijn zoals het nerveuze belletje op de fiets. Verderop in de film hoef je alleen het gerinkel maar te horen en je weet dat François zometeen in beeld zal komen.
In voorbereiding van deze bijdrage las ik in een andere blog dat het script 'rommelig' was. Ik vermoed het tegendeel. Tati was een perfectionist die over elk shot en elk geluid nadacht en juist met een minimum aan 'verhaal' zoveel mogelijk wilde vertellen.
Een aanrader dus! Voor de prijs van een DVD (en zelfs minder dan dat; ik zag net dat de film in z'n geheel op Youtube staat: de link!) ben je voor 75 minuten de bezoeker van een Frans dorpje!
De afgelopen weken had ik wat revival-momenten na de mooie documantaire-serie van de VPRO over het beste komische tv-team aller tijden; van Kooten en De Bie. Nu vond ik hun 'kortebaanwerk' al meesterlijk; pal achter het journaal de actualiteiten doornemen met allerlei typetjes, maar ik maakte nu kennis met de langere films De Renner en Stichting Morekop. Niet ''instant grappig'' zoals Drs. Clavan of Neerlandicus E.I. Kipping, maar wel gevoeliger en met meer dramatiek!
Toen schoten me wat films te binnen die op dezelfde leest lijken geschoeid; de bekendste daarvan is; Spinal Tap!
De vorm is hetzelfde; Spinal tap is een "Mockumentary" over de hardrockband Spinal Tap die in de jaren '60 werd opgericht en in de vroege jaren '80 zoekend is naar z'n identiteit nadat bandleiders Nigel Tufnel (gespeeld door Michael McKean) David St. Hubbins (Christopher Guest) na een ruzie ieder zijns weegs gaan. Alle acteurs zijn zich (net als in een documantaire) bewust van de aanwezigheid van de camera en daardoor speelt gêne (van de hoofdrolspeler zelf als er iets misloopt of plaatsvervangende) een grote rol! Een bekend voorbeeld is deze waarbij de band opgepept zich een weg baant naar het podium!
Helaas heeft Rob Reiner hierna geen "Mockumentary" meer gemaakt, maar gelukkig heeft Christopher Guest het stokje overgenomen met het fraaie Best In Show (over de manie van Hondenliefhebbers):
En het verrassend gevoelige (maar ook hilarische) A Mighty Wind!
Vooral "A Mighty Wind" is een fraaie variant op "Spinal Tap", waarin de heimwee naar oude muziek (ik weet er alles van) op de hak wordt genomen. Nog als extra het slotnummer van het finalconcert waarin we (vermomd als de Folksmen) ineens weer de acteurs van Spinal Tap ontwaren!
P.S.: ik ben met een tweede blog begonnen, puur gericht op precieze en uitgebreidere muziekrecencies, dan hou ik deze blog lekker algemeen en rommelig!
Eén van de lichtpunten in de jaren '70 als het om tv gaat was het programma "Zwijgen is Goud" van Maarten van Rooijen. Een bonte stoet aan oeroude filmpjes trok voorbij, Chaplin, Harold Lloyd, Ben Turpin en natuurlijk 'De Dikke en De Dunne', droogjes gepresenteerd door Maarten.
De humor lag er nogal dik bovenop in dit soort filmpjes; een schop voor je achterste hier, een taart in het gezicht daar. Perfecte grappen voor een tienjarig jochie!
En terwijl de stunts van Harold Lloyd spectaculair blijven en de choreografie van Charlie Chaplin geniaal is, gaat het me snel vervelen. De enigen die echt grappig blijven zijn Buster Keaton en vooral het duo Laurel en Hardy.
Verhandelingen genoeg over waaróm het zo is (het is namelijk vrij universeel), de beste verklaring is dat Stan Laurel begreep dat een situatie grappiger wordt als je de reactie erop óók grappig is.
En nóg grappiger als de reacties binnen dit duo voorspelbaar heen-en-weer stuiteren.
Het was een geloofwaardig duo. Naast al het fysieke en geestelijke leed dat ze elkaar aandeden waren ze duidelijk tot elkaar veroordeeld en zouden ze elkaar altijd blijven opzoeken; de buitenwereld (inclusief hun film-echtgenotes) was nog veel erger! Kinderen en huisvaders waren meestal vervelende klieren die alleen maar uit waren op fysiek geweld...
Ten tijde van hun beste korte films waren Laurel en Hardy gepokt en gemazeld op de planken en in tientallen andere shorts. Grappig genoeg waren de mannen elkaar een paar keer tegengekomen in het vak, maar het duurde nog een tijd voordat het idee rees dat ze een goed koppel zouden vormen. Oliver Hardy was vaak de dikke slechterik in de lach-of-ik-schiet filmpjes van Mack Sennett en Stan Laurel had zo'n beetje genoeg van het acteerwerk en was al bezig zich om te scholen naar regisseur.
Maar het liep gelukkig anders. En ze waren van het zeldzame soort filmster die de overgang van silent movie naar de geluidsfilm soepel maakten. Hardy's zuidelijke accent (en puike zangstem) combineerde fraai met het sonore accent uit Lancashire van Stan Laurel! En: het is de mooie paradox de 'logge' 'Oliver Hardy die zich het meest lichtvoetig en elegant beweegt, terwijl Stan rommelig door het beeld sjokt.
Persoonlijk vind ik hun korte geluidsfilms het beste; iets minder (maar toch genoeg) slapstick en wat meer geestige dialogen. De lange films waren niet hun beste; er zitten juweeltje van scenes tussen, maar hun specialiteit is toch het kortebaanwerk.
De afgelopen tientallen jaren zijn hun films (en vooral hun relatie in die films) grondig geanalyseerd. Was hier geen verkenning van de homoseksuele relatie gaande? Waarom anders al die vijandige vrouwen? Waarom liggen ze zo vaak samen in bed?
Volgens mij is het simpeler; Stan en Ollie hadden in de films een geestelijke leeftijd van een jaar of acht; totaal ongeschikt voor relaties, kinderen en verantwoordelijkheden, maar perfect uitgerust voor het aanrichten van verwoestingen!
(Nog ééntje, meteen een schoolvoorbeeld van komische timing en Hardy's reactie op Stan's vocale capriolen is altijd goed voor een bonuslach!)
(Vergeet niet de poll aan de zijkant van deze bladzijde in te vullen of een reactie achter te laten!:))