Er waren er vast wel meer van, maar ik was, voor zover ik wist de enige in mijn omgeving die een fan was van Rien Poortvliet. En nog steeds heb ik een zwak voor de sfeer van zijn prenten en de manier waarop hij onderwerpen van zijn boeken beschreef; ietwat associatief en meestal met enthousiasme.
Mijn eerste kennismaking kwam met de Bibliobus die elke week anderhalve straat verder stond geparkeerd. Ik zat nog dik in mijn stripboekenfase en alles met veel illustraties en weinig tekst kwam goed van pas.
Volgens mij was het eerste Poortvliet-boek dat ik verslond "Te hooi en te gras", "Vossen hebben holen" en het intens-gezellige "Leven en Werken van de Kabouter" volgden al snel.
Ik kocht van mijn zakgeld "Het Brieschend Paard" een kolossaal en schreeuwensduur kijk- en leesboek over paarden. Het moet al met al het meest gelezen en hérlezen boek uit m'n collectie zijn.
Later begreep ik dat er wat controverse rond Poortvliet hing. Het was allemaal wat truttig en belerend; geen echte 'kunst', erg gericht op de jacht en alles wat 'vroeger beter' was.
Op zich klopt dat allemaal tot op zekere hoogte. Behalve dat Poortvliet volgens mij zelf nooit heeft beweerd 'kunst ' te hebben gemaakt.
Hij was wél een technisch erg vaardige portrettist en landschapsschilder die veel van zijn onderwerpen wist en niet meer of minder deed dan het vastleggen van een deel van Nederland dat voor Randstedelingen verborgen bleef; de kleine dorpjes in bosrijke omgeving, de jachttaferelen, de boerenerven zoals ze in de jaren '70 en '80 van de vorige eeuw nog te vinden waren.
Wat blijft staan is dat er maar weinig schilders zijn die zo mooi het licht en de sfeer kunnen vastleggen. Ik zou niet snel een Poortvliet aan de muur willen hebben, maar om weer even door zo'n boek te bladeren is leuk werk!


