Pagina's

zaterdag 19 november 2011

Het debuut

Waarin een onbetekenend combo de minst beluisterde plaat aller tijden opneemt

Niet veel mensen kennen "Helltown" nog. De oprichters zélf al haast niet meer.
Hun eerste elpee "Welcome to..." werd regionaal aardig verkocht, maar omdat de regio noord-west-Brabant zeker in de jaren '60 dunbevolkt en armlastig was waren vierhonderd exemplaren het maximaal haalbare. Men was daar meer van gezellige accordeon-muziek en carnavals-stampers. Eigenlijk nog steeds wel.

Driehonderd elpees werden verkocht in de drie platenzaken die Roosendaal rijk was.
Vijftig gingen er naar familie en vrienden en de laatste vijftig werden een jaar later uitgereikt als troostprijs tijdens een voetbaltoernooi van voetbalvereniging de Kogelvangers, die traditioneel met dubbele cijfers wonnen van V.V. Oudemolen. Ook nu weer: 12-2.

"Welcome to..." was (naar horen zeggen) geen slecht album; vier covers van Chuck Berry-songs, twee eigen composities (van Piet Lokers en Bram Moerland) die deden denken aan de Yardbirds, en wat Stones- en Beatles-covers.
Dries Patijn (later bekend als André Moss) blies mee op de alt-sax.
Vlnr. Bram Moerland (bas), Piet Lokers (zang, harmonica,zingt hier een bespreking uit de Muziek Express), Ferry Verhagen (gitaar) en Ben Knepper (drums)

Het is lastig de opname-data op te sporen, waarschijnlijk begonnen de eerste sessies in februari '65 in de "Muziekstudio de Witte" in Roosendaal; gedurende twee dagen werd kant één opgenomen. Het bleef een tijd een raadsel waarom dat per sé zo moest; alle nummers 'op volgorde' op band zetten.

Later werd duidelijk dat nogal bijgelovige drummer Ben Knepper van mening was dat dat de enige manier was om een elpee te maken en was hierin zo overtuigend dat producer Henk de Witte er weinig heil in zag om deze robuuste Brabander tegen te spreken.
Overigens waren het zware sessies voor Ben; gewend geraakt aan een drumstel die voor de helft uit kartonnen dozen bestond had hij de grootste moeite met de fraaie geleende Ludwig-set.
De sessies voor kant twee duurden drie dagen; de band was praktisch al door het repertoire heen en de twee Lokers-Moerland-composities werden tussen de sessies door snel geschreven en geoefend.

De LP is nu onvindbaar. Het verhaal wil dat de vijftig exemplaren die naar V.V. Oudemolen waren gesluisd onverklaarbaar opdoken als achtereenvolgens derde prijs in het zaalvoetbaltoernooi in Klundert in 1968 en als troostprijs in een regionaal damtoernooi een half jaar later.

Gelukkig ging Helltown ook verder, ware het twee jaar, een naamsverandering en personeelswisselingen later. Bram zou een jaar later de mastertapes ritueel verbranden, of dat een artistiek statement was of een kwestie van een verkeerde mix van  Geestverruimende Middelen werd pas jaren later duidelijk.

Piet Lokers later of dit nu legendarische album: "We waren zo rond de twintig in die tijd, dus we dachten bijna nergens echt goed over na. Misschien hadden we wel de hoop op een wereldhit met die eerste plaat, maar eigenlijk kwam die opnamesessie veel te vroeg. Lokers had ineens een bak met geld en we konden ineens de opnamestudio in en hadden zelfs geld over om André Moss méé te laten blazen.
Pas een jaar later waren we echte de band die we moesten zijn, maar dat was een paar honderd optredens later."

Volgende keer; de overgang naar de acid-rock en meer over de 'duistere jaren' van deze band en de lange zoektocht naar een goeie bandnaam tot een pot pindakaas uitkomst biedt!

Geen opmerkingen:

Een reactie posten