Pagina's

zaterdag 8 oktober 2011

Mark Hollis

Tijd doet iets raars met muziek. 
Achteraf is het soms eigenlijk helemaal niet zo goed als je dacht net na aanschaf.
Ik heb platen in de eerste weken na aanschaf grijsgedraaid en daarna nooit meer.
Opvallend vaak met Sting-albums, maar dit terzijde.
In 'het groot' is het niet anders. Er waren ooit veel fans van Four Non Blondes, om maar eens wat te noemen. 
En sommige artiesten waren en zijn enorm goed, maar belanden bij de verkeerde platenmaatschappij die hun werk niet waardeert. En worden dus niet verkocht.


Eind jaren '80 was Talk Talk volledig op een zijspoor geraakt na de artistieke triomf, maar commerciële flop "Spirit of Eden". Geen hitsingles of dansbare beats.
Weggebonjourd bij EMI tekenden ze een contract voor twee albums bij Polydor. De eerste werd "Laughing Stock", alweer een prachtig album, maar ook deze belandde in eerste instantie in de 'te verwaarlozen' catagorie.
Net als "Spirit of Eden" was de muziek nauwelijks in een hokje te plaatsen, het geluid op Laughing Stock is wat ruwer en donkerder; er is meer 'rock' aanwezig.


Het tweede album voor Polydor werd een soloproject van Mark Hollis. Inmiddels was de link met rock of pop helemaal weg; Hollis nam de kans om zowel in de arrangementen als in het instrumentarium iets te bedenken dat het midden hield tussen ballades en kamermuziek. Deels was er de kern van gitaren (Dominic Miller, Robbie McIntosh), bas (Chris Laurence), drums (Mark Ditcham) en toetsen (Lawrence Pendrous), maar ook een volledige houtblazerssectie met klarinet, fluit, Engelse hoorn en twee fagotten.
En de bekende naam van de geniale harmonicaspeler Mark Feltham dook weer op.
Het bijzondere van dit album is het directe geluid ervan; er werden twee microfoons neergezet en de instrumenten werden 'in de ruimte' opgenomen; de drums wat naar achteren, spelers schoven soms van links naar rechts.
In de openingstrack "The Colour of Spring" wordt meteen de toon gezet...de eerste twintig seconden is het stil, zoals stilte al een grote rol speelde op de laatse Talk Talk-albums...
Forget our fate
The pedlar sings
Set up to sell my soul
I've lived a life for wealth to bring

And yet I'll gaze
The colour of spring
Immerse in that one moment
Left in love with everything

Soar the bridges
That I burnt before
One song among us all

Een plaat als "Spirit of Eden" klinkt alsof het in een kathedraal  is opgenomen, deze plaat klinkt bijna alsof de musici bij je in de huiskamer plaatsnemen. De thema's zijn donker zo gaat A Life (1895-1915) over de jonge dichter Roland Leighton die omkomt in de Eerste Wereldoorlog. Sommige songs hangen zo los aan elkaar dat de samenhang af en toe bijna wegvalt.

Na het uitbrengen van dit album en na wat hand- en spandiensten voor anderen is Mark Hollis gestopt met het maken van muziek.  Als je de twee laatste albums van Talk Talk en zijn solo-album kent is het een triest, maar bijna logisch vervolg. Vermoedelijk was het de combinatie van slechte ervaringen met 'de industrie' en het feit dat Mark Hollis zijn verhaal heeft verteld.
Zijn laatste 'publieke' actie was het in ontvangst nemen van een prijs voor "It's My Life" in 2004...
Een beetje een ongemakkelijke foto; ik krijg de indruk dat Mark net uit z'n Vauxhall Astra is gestapt, snel op verzoek even poseert en na het uitwisselen van wat beleefdheden na vier minuten alweer op weg naar huis is....

Het eigenaardige is dat de 'roep' om een come-back te maken steeds luider wordt. 
Getuige bijvoorbeeld dit artikel op de Guardian-blog.
Volgend jaar verschijnt er een tribute-album en de invloed van Talk Talk/Mark Hollis blijft aanwezig. 
Ik zelf denk dat de kans op terugkeer klein is; de muziekindustrie is nog net zo cynisch als vijftien jaar geleden en de verwachtingen zijn waarschijnlijk te hoog gespannen!

Dus voorlopig maar blijven genieten van die paar prachtige albums en dit fraaie, bijna vergeten, meesterwerk!

Geen opmerkingen:

Een reactie posten